Bij gedragsproblemen zien we een onaangepast gedrag van het kind aan zijn omgeving. Het kind is druk, valt op, luistert niet, kan sociaal niet adequaat reageren, schopt en slaat of zondert zich juist enorm af. Het is onjuist het kind en/of ouders hiervan de schuld te geven, de oorzaak ligt ergens anders. In onze visie is dit gedrag een uiting van lichamelijk onvermogen tot aanpassen en verwerken van prikkels.

ADHD (aandachtproblemen hyperactief gedrag)

Veel kinderen lijden tegenwoordig aan een onvermogen om zich lang te richten op een taak. Soms gaat dit vergezeld van een niet te onderdrukken overbeweeglijkheid. Dit gedrag kan zowel thuis als op school problemen veroorzaken. Veel deskundigen houden zich met het probleem bezig en dragen als oplossing het onderdrukken van de problemen door chemische middelen aan. Dit is echter vooral een vorm van pleisters plakken, wat in de situatie als verademing kan worden ervaren.

Gelukkig wordt er steeds meer onderzoek gedaan naar de lichamelijke aspecten van ADHD en ADD. Het blijkt dat er groepen neuronen (zenuwcellen) kleiner zijn en er problemen zijn met de aanmaak van verschillende neurotransmitters (boodschapperstoffen).

De aanpak van de BSM is dan ook meer gericht op het bovenkrijgen van de oorzaak van het afwijkend gedrag en het behandelen van de hersenen en hun werking door motorische oefeningen.

Autistisch Spectrum Stoornis

Het is te eenvoudig om hier te zeggen dat ASS te behandelen is en overgaat met behandelingen en oefeningen. Wel kunnen we werken aan verbetering van communicatie, gedrag en leerbaarheid. Kenmerkend voor autisme is het onvermogen tot het ontwikkelen van normale sociale relaties en een verstoorde ontwikkeling van het communicatief vermogen. Daarnaast zijn het mensen met een ander/ letterlijker voorstellingsvermogen.

Door middel van MRI scans en histologisch onderzoek is gebleken dat de temporaal kwab van de hersenen (het gebied rond je oren waar de gehoorprikkels worden verwerkt en doorgeeft)vaak niet goed functioneert. De dysfuctie van dit gebied, zou een gevolg kunnen zijn van een obstructie als gevolg van een geboortetrauma. Denk hierbij aan vacuumpomp of verlostang. Vervolgens ontstaan er problemen met de boodschapperstoffen die informatie snel door de hersenen moet sturen. Wanneer de overdracht van wat je hoort langzaam verloopt, kan dat grote gevolgen hebben. "Het kwartje" valt pas seconden later. Het kind reageert later, herhaalt zinnen en vraagt vaak "wat zeg je?" en lijkt in zijn eigen wereld te zitten.

ASS is echter natuurlijk nog oneindig veel complexer dan alleen een probleem met de gehoorverwerking. Het blijkt dat de spiegelneuronen, waarmee wij heel veel van ons gedrag en functioneren aanleren, minder aanwezig zijn. Daarnaast blijkt uit onderzoek ook de gebieden in de hersenstam en in de frontale cortex zwak te functioneren. De hersenstam, de basis van de hersenen, zorgt voor het wakker worden van de hersenen. De frontale cortex, het voorste deel van je hersenen is het stukje hersenen dat zorgt voor de rem op je gedrag, je sociale voelsprieten en je algehele motivatie en moreel besef.

We kunnen met de BSM niet genezen maar wel ontwikkeling en verbetering helpen inzetten.